info
terminologie
Craquele techniek
Mat-witte of glanzend-zwarte verrijking van de glasoppervlakte door het opdampen op de warme ‘
porst’ (in een iriseertrommel) van een laag tinchloride; bij het verder uitblazen, vrij of in een vorm, ontstaan barstjes in de metaallaag, omdat die niet mee kan uitzetten met het warme glas; met toevoeging van antimoon ontstaat het zwarte craquele; bij heet opdampen ontstaat een fijn, bij minder heet een grover craquele; ook is het mogelijk, voor of na het opdampen de porst in een ‘optiekvorm’ te blazen: bij het verder uitblazen blijft de craquele op de ‘ribben’ sterker zichtbaar; ook kan over de porst een tweede laag glas gekeid worden, zodat het craquele-effect in het glas is opgenomen.
nb voor uitvoeriger informatie zie publicatie:
De Bois. M.,
Chris Lebeau 1978-1945, 1987, Drents Museum, blz 176. en Liefkes, R., Copier, SDU Uitgeverij/Openbaar Kunstbezit, blz 30.
bron Lexicon Sybren Valkema